Voeding Alternatieve Elfstedentocht

De Alternatieve Elfstedentocht door de ogen van team iM FARMING

Met 200 km over het natuurijs van de Weissensee, is de Alternatieve Elfstedentocht de langste wedstrijd van het jaar. Die win je niet op een enkele boterham met pindakaas! Omdat ons lichaam zo’n zes à zeven uur een inspanning moet leveren – in de soms meest barre omstandigheden – is goede sportvoeding onmisbaar. Dit begint al bij de eerste ronde: aangezien het tempo meestal nog niet zo hoog ligt, is het zaak om tijdens de eerste helft van de wedstrijd goed te blijven eten. Hierbij blijken Flapjacks ideaal, die door hun compactheid en smeüigheid goed te versmaden zijn, en ook ‘gewone’ broodjes gaan erin als zoete koek. Daarnaast is het belangrijk om te alle tijde goed te blijven drinken, zoals een istotone dorstlesser of water, zeker als er een zonnige dag dreigt aan te breken en we veel zweet gaan verliezen. Een jasje kan immers nog worden uitgetrokken, maar lagen thermokleding meestal niet meer.

Na 100 km begint de koers vaak pas echt. Dan moeten we alert zijn, hebben we minder tijd om te kauwen en stappen we over op kleinere, energierijke repen of vloeibare energie zoals gels. In deze fase kan het ook geen kwaad om wat cafeïne in te nemen, want zowel de tactiek van de concurrenten als de scheuren in het ijs, moeten strak in de gaten worden gehouden. Dat valt niet mee na dik vier uur koers!

Vanaf ongeveer 140 km begint het peloton uit te dunnen en begint het overleven, zowel mentaal als fysiek. Ook al lijkt onze maag geen voedsel meer te verteren, blijft het belangrijk om kleine beetjes te drinken en te eten. Ongeacht hoe de wedstrijd verloopt – met of zonder kopgroep – is het belangrijk om scherp te staan in de finale. In de laatste fase doen we nog een beroep op een gelletje of een laatste slok, maar het zijn tenslotte onze benen die het werk moeten doen. Als je de hele wedstrijd goed hebt kunnen eten en drinken, heb je nu misschien zomaar dat laatste beetje energie over voor de ultieme demarrage.

 

Natuurlijk kunnen en hoeven wij deze sportvoeding – al schaatsend – niet direct vanaf het begin mee te slepen. Afhankelijk van de grootte van het rondje, zijn er op het meer één of meerdere verzorgingsposten ingericht. Door met-repen-beplakte bidons te vangen of voedingstasjes te hengelen, komt de voeding bij de gewenste rijder terecht. Ook het aannemen van sportvoeding voor een ploeggenote, met name als deze een ronde gemist heeft, is onderdeel van een ijzersterke samenwerking.

Door Janneke Elzinga, Hilde-Marije Dijkstra en de winnares van de Alternatieve Elfstedentocht 2018, Anne Tauber

 

 

Dit bericht is gepost in Overig. Bookmark de link.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *